Spaar je energie

Een ringtone moet een beetje leuk zijn. Niet eentje die standaard op je telefoon zit. Die zijn te eenvoudig. Een ringtone moet een beetje verrassen. Nadeel is wel dat je, zeker bij Apple, drie dagdelen bezig bent met het installeren van je eigen gekozen ringtone. Nadien kan ik mij amper inhouden om mijn telefoon van een flatgebouw van tien hoog naar beneden te mieteren. Hoe dan ook: mijn ringtone is My Favorite Things uit The Sound of Music. En dan natuurlijk niet die melige en weeë versie die Julie Andrews in een Oostenrijks bed met Oostenrijkse kinderen zong. Nee, mijn ringtone is My Favorite Things in de versie van John Coltrane. Jazzy, grappig, relaxed en bovenal instrumentaal. Dus geen gezang door de toch mooie compositie.

Ik word blij van mijn ringtone. Het is een aanrader om een ringtone te kiezen waar je blij van wordt. Het lachen vergaat mij echter meestal na luttele seconden. Ik word namelijk om de haverklap gebeld door energiebedrijven. Althans, ze noemen zich bedrijven, maar eigenlijk mag het die naam niet hebben. Oplichters zijn het. Ik word gebeld omdat ik een eigen onderneming heb. Daarom denkt men waarschijnlijk dat ik in een enorm bedrijfspand zit. Grappig wel, want ik opereer gewoon vanuit mijn zolderkamertje die ik ook met een dynamo en een hometrainer nog wel warm zou kunnen houden.

Mijn telefoon ging laatst weer eens en ik zag een nummer uit Utrecht. Daar ken ik niemand, dus neem ik ‘m niet aan en laat mijn ringtone volledig uitspelen. Mijn onderneming bestaat inmiddels vier jaar, dus leer mij die bedrijven kennen. Maar ze hadden me toch weer tuk. Ze belden nog een keer! Daardoor dacht ik dat het toch ‘weleens wat zou kunnen zijn, een kans’ en daarom nam ik in al mijn domheid de telefoon op.

En dan begint het hele riedeltje weer. “Met Bas van der Heide…”, zei ik hoopvol. “Ja, dag mevrouw Van der Heide! U zult het niet geloven, maar we hebben een fantastische aanbieding voor u”. Als ik dat hoor, heb ik alweer gegeten en gedronken. Voorheen riep ik dan altijd woest dat ik eiste dat ze me nu uit hun register zouden halen en dat ze hartstikke strafbaar waren en dat ze een echte baan moesten gaan zoeken en… Dat laatste vond ik toch wat sneu. Die mensen zitten daar natuurlijk ook niet voor hun lol, denk ik. Hoop ik. Dus dat roep ik niet meer. Ik geef gewoon direct een enorme tik op het rode hoorntje. Weg gesprek. Dan nog suddert in mijn hoofd de vraag of dat niet heel onaardig was. Maar ja, anders had ik met een energiecontract gezeten dat ik helemaal niet nodig heb…

U leest, het houdt me lekker bezig. Misschien ga ik er op een dag gewoon op in. Dat ik zo’n contract aanneem. Zouden ze dan ook verbaasd zijn? Iedereen die ik ken poeiert die lui af. Ik ben benieuwd of ze weten wat ze moeten doen als ze ineens een contract moeten afsluiten. Wel een duur grapje voor mezelf, maar ik zou het best willen proberen. Maar dan doe ik ook net of ik een groot bedrijf ben. En dan zet ik ze tijdens het afsluiten van het contract nog even in de wacht. Om de spanning voor ze op te bouwen en om met een collega te kunnen overleggen wat ze in godsnaam moeten doen. Welk muziekje zal ik daarvoor gebruiken? My Favourite Things van John Coltrane in ieder geval niet. Dan wordt het nog een lolletje voor ze ook.

Op 1 februari 2020 ook verschenen op GroningerKrant.nl.

Aart

Ik ben van mening dat een grootouder een beetje dwars moet zijn. Een beetje tegen dingen aanschoppen, zo geven ze het goede voorbeeld aan hun kleinkind. Juist niet doen wat de ouders willen, gewoon met hun kleinkind mee belletje lellen en harder wegrennen dan de kinderen. Zulke dingen.

Misschien ben ik die mening wel toegedaan, omdat ik ben opgegroeid met Aart Staartjes. Net als half Nederland. Mijn ouders groeiden op met hem in de gedaantes van De Straat, Hein Gatje en Toon van Ome Willem. Mijn generatie kent hem als Fetze Alsvanouds, Ta, presentator van de Sinterklaasintocht en natuurlijk Meneer Aart uit Sesamstraat.

Als je een beetje dwars of recalcitrant bent, wordt dat vaak niet gewaardeerd. Mensen vinden je naar of strontvervelend. Dan heb je het echt niet begrepen. Jammer. Iemand is dwars met een reden. Dat kan niet anders. Aart had een moeilijke jeugd en naar eigen zeggen niet enorm liefdevolle ouders. Zoiets tekent je. Hij wilde het kind serieus nemen en ze niet (zoals zoveel volwassenen dat op een hoogst irritante manier wel doen) als kind toespreken, met een stemmetje en een gebaartje. Ze snappen meer dan de meeste mensen denken. Het zijn gewoon kleine mensen, meer niet.

Echte mensen verdienen echte en goede programma’s vond Aart, als net afgestudeerde acteur. Hij las eerst enigszins brave Bijbelverhalen voor in de serie Woord voor Woord. De verhalen waren natuurlijk wel opnieuw opgeschreven door Karel Eykman, met wie hij later nog veel zou samenwerken. Eykman is een ontzettend goede schrijver, dus het was wel wat ontsuft.

Maar Aart wilde meer. Na lang leuren bij de omroepen kreeg hij de kans om een kinderprogrammaatje te maken. Maar dat moest dan wel heel goedkoop. Zoals de omroepbaas destijds zei: “Kinderprogramma’s zijn prima, als ik er maar geen last van heb”. Duidelijk. In de jaren 70 moesten de kinderen luisteren naar het ouderlijk gezag. Aart wilde juist dat de ouders luisterden naar het kinderlijk gezag. Hij stelde een team van topschrijvers samen en een eigenzinnig kinderprogramma was geboren. De Stratemakeropzeeshow. ‘Verstandige’ mensen spraken er schande van, maar Aart ging door en kreeg steeds meer kansen.

Hij ontwikkelde achtereenvolgens onvergetelijke titels als De Film van Ome Willem, J.J. de Bom, Voorheen ‘de Kindervriend’ en Het Klokhuis. Toen hij betrokken raakte bij Sesamstraat werd dat programma pas echt goed.

Maar hij moest blijven zeuren, want omroepbazen veranderen snel van gedachten. Het ene programma moest korter, want men wilde geen last hebben van jeugdtelevisie, en het andere programma moest weg. Tot het laatst heeft hij gevochten voor het voortbestaan van Sesamstraat, maar het is hem en ons zoals het nu lijkt niet gegund. Luisteren naar een man met zo’n staat van dienst is niet nodig blijkbaar.

Maar sjonge, jonge! Wat heeft de man veel bereikt! Hij heeft de jeugdtelevisie naar een hoger niveau getild. Een niveau dat tegenwoordig niet zo dikwijls meer wordt geëvenaard. Hij heeft zoveel voor elkaar gekregen. En dat kan helaas alleen als je een beetje recalcitrant en nukkig bent. Gelukkig bestaan er zulke mensen, al zijn ze zeldzaam. Mensen met een missie, mensen die zich niet uit het veld laten slaan en af laten doen als zeikerd. Hulde! Leve de recalcitrantie. 

Bedankt voor uw recalcitrantie, meneer Staartjes. Bedankt voor geweldige televisiemomenten.

Push & break

De hele dag zie ik mensen om me heen die het ontzettend druk hebben met hun smartphone. Dat lijkt zo in ieder geval. Iedere twee minuten even de telefoon controleren. Soms doen ze ‘m gelijk weer weg, maar toch zeker ieder kwartier wordt er een pauze genomen om dringende meldingen te beantwoorden. Sommige mensen verdenk ik ervan dat ze een bejaard familielid hebben gevraagd of die een paar keer per uur een berichtje naar hen willen sturen. Onder het mom van: “Dan kun je fijn leren hoe je nieuwe iPhone werkt. Geef ik je zaterdag deel twee van de cursus. Snapchatten! Wel doen hoor, vind ik leuk!”. Zo vergaren ze dus de nodige appjes, waardoor het lijkt alsof ze heel belangrijk zijn.

Toch lijkt het me sterk dat ouderen daaraan mee zouden werken. De ouderen die ik ken hebben het drukker dan ik en hebben geen tijd over om appjes te sturen. Laat staan om te leren hoe zo’n telefoon werkt. Ze hebben een bruisend verenigingsleven, doen vrijwilligerswerk of passen op de (achter)kleinkinderen, omdat de ouders het te druk hebben met het ontvangen en beantwoorden van appjes. 

Maar laatst kwam ik er ineens achter hoe al die telefoondruktemakers het doen. Hoe ze simuleren dat ze het zo druk hebben. Ze hebben doodgewoon alle nieuwsapps gedownload op hun telefoon en de pushberichten aangezet. Dat heb ik toen ook maar gedaan. Dat is handig, want dan blijf je een beetje op de hoogte van belangrijke gebeurtenissen. Ik had de app nog geen twee minuten op mijn telefoon staan, of het eerste pushbericht kwam binnen. BREAKING!, stond er. Dan zal er toch wel iets ernstigs aan de hand zijn. Ik dacht aan een aanslag die later al dan niet opgeëist zou worden door IS, aan een Derde Wereldoorlog door de huidige situatie in Iran of aan een nog groter en nog onomkeerbaarder probleem met het klimaat. Niets bleek minder waar. 

‘Mart Smeets vindt het heerlijk geen sociale media te hebben’, stond er. Andere pushberichten gingen over het Koningshuis en over, en dat is natuurlijk wel van belang dat we dat weten, de André-Hazes-gaat-met-Bridget-Maasland-hype. Toen ik ook nog las dat Marco Borsato overspannen was, werd het me teveel. Toen miste ik een belangrijk bericht over de situatie VS-Iran. Dat zijn natuurlijk ook brekende berichten, maar ze worden onzichtbaar door de vele andere pushberichten. Niet dat deze onbelangrijk zijn natuurlijk, stel je voor!

Tot mijn grote verbazing wilde ik na dit alles een beetje meer Mart Smeets zijn. Ik had niet verwacht dat ooit te zeggen. Als ik Mart Smeets was, legde ik mijn telefoon namelijk voorgoed weg. En hoefde ik bijvoorbeeld nooit meer te lezen dat een dergelijke nieuwssite het van levensbelang acht dat ik moet weten dat Mart Smeets niets met sociale media heeft. Maar helaas, ik ben Mart Smeets niet. Ik zal dus vast wel nooit meer van die pushberichten af komen.